Zelfstandige naamwoorden · niveau A1
En-woorden en ett-woorden
Zweeds kent twee geslachten: en (ongeveer 75% van alle woorden) en ett. Het geslacht bepaalt het lidwoord, de uitgang en de vorm van het bijvoeglijk naamwoord.
Onbepaald en bepaald
Het onbepaalde lidwoord staat vóór het woord (en bok), het bepaalde lidwoord plak je erachter (boken).
| Onbepaald ev. | Bepaald ev. | Onbepaald mv. | Bepaald mv. | |
|---|---|---|---|---|
| en-woord | en bok | boken | böcker | böckerna |
| ett-woord | ett hus | huset | hus | husen |
Vuistregels voor het geslacht
- Personen en dieren zijn bijna altijd en-woorden: en man, en hund, en lärare.
- Landen, talen en veel abstracte begrippen zijn ett-woorden: ett land, ett språk.
- Woorden op -a, -ing, -het, -else zijn en-woorden: en flicka, en tidning, en möjlighet.
- Woorden op -ande, -ende, -um, -eri zijn vaak ett-woorden: ett leende, ett museum.
Tips
- Leer een nieuw woord nooit los, maar altijd met lidwoord: 'en stol', niet 'stol'.
Veelgemaakte fouten
ett bok
en bok
Geslacht kun je niet raden — leer het mee.
den boken (zonder reden)
boken
Alleen met een bijvoeglijk naamwoord: den nya boken.